Een rfid-systeem bestaat uit twee onderdelen: een transceiver en een transponder. De transceiver is een combinatie van een zender en ontvanger. Deze transceiver zendt een signaal uit dat de transponder activeert. De transponder, de rfid-chip zelf, is een zender die reageert op het signaal van buitenaf. Degene die een transceiver heeft, kan zo zien welke van zijn rfid-chips in de buurt is.
Rfid-systemen met een lage frequentie (30 KHz tot 500 KHz) kunnen niet van verder dan 2 meter gescand worden. Rfid systemen met een hoge frequentie (850 MHz tot 950 MHz en 2.4 GHz tot 2.5 GHz) kunnen worden waargenomen tot op meer dan 200 meter. Hoe hoger de frequentie, hoe duurder het systeem.
De mogelijkheden liggen voor de hand. Producten kunnen worden herkend terwijl ze gewoon in het magazijn, het scheepsruim, de vrachtwagen of winkel staan, zonder dat ieder object handmatig hoeft te worden gescand. Een eenvoudig idee blijkt echter minder eenvoudig te realiseren.
In de tweede wereldoorlog werden al vliegtuigen uitgerust met een baken waaraan men kon herkennen bij welk kamp ze hoorden. Ook biologen hangen al tientallen jaren zenders aan bijvoorbeeld walvissen om de dieren te kunnen volgen. Een ander veelgebruikt voorbeeld is natuurlijk het dragen van identificatiechips tijdens de marathon.
De enige reden waarom rfid nu pas massaal wordt toegepast, is natuurlijk geld. De kosten van een enkele chip worden binnenkort zo laag, dat zelfs voor hele goedkope producten het de moeite loont er een rfid op te plakken. De goedkoopste chip weet niet meer dan zijn eigen naam, en hoeft over een paar jaar niet meer dan 10 eurocent te kosten. De kosten van de chips zelf bepalen maar voor een fractie de kosten van rfid als bedrijfsmiddel. Het gaat namelijk nog jaren duren en miljoenen kosten voor bestaande bedrijfssystemen met de rfid-data overweg kunnen. Grootschalige tracking & tracing van individuele blikjes bier is tenslotte niet iets wat al eerder gedaan is.
Betaling wordt volgens de rfid-profeten compleet anders. Terwijl u door een poortje loopt worden uw boodschappen gescand en u kunt meteen betalen. Geen frustratie meer in de rij. Er is wel een klein probleempje. Het is nog steeds niet mogelijk om alle producten in een karretje tegelijk te scannen, want de chips zitten elkaar danig in de weg.
Winkeldiefstal zal misschien afnemen door rfid, maar ook nu staan er al poortjes bij iedere winkeldeur. Dat wordt niet anders. Een winkeldief verzint er wel wat op. Het wordt wel een stuk moeilijker om gestolen waar weer door te verkopen aan argeloze retailers. Merkwaar zonder geldig rfid is immers verdacht, en via het internet is het in de toekomst te verifieren of de goederen op de lijst van verdwenen artikelen staan. Zo blijft voor dealers alleen de directe verkoop aan consumenten over.
In de Verenigde Staten schieten de belangengroeperingen als paddestoelen uit de grond. Men maakt zich zorgen over privacy. Straks is van iedereen bekend wat hij op zak heeft, waar het is gekocht en zelfs voor hoeveel. De bonuskaart is er kinderspel bij.
Vakbonden worden ook argwanend. Rfid kan eenvoudig worden ingezet om productiviteit te meten van individuele werknemers, of hun bewegingspatronen te analyseren aan de hand van chips in werkkleding. Paranoïde toekomstmuziek? In Duitsland heeft de supermarktketen Metro Group al iets soortgelijks geprobeerd, door consumenten een chipkaartje te geven. Vervolgens werden de bewegingen van de individuele consumenten geregistreerd. Na protesten is dit experiment afgeblazen.
Moore's law geeft het al aan. Over een tijdje staat er een gigabyte aan data op een rfid-chip, vervolgens een terabyte, en daarna een petabyte. Van een 'smart label' kan de chip dus een "smart card" worden. Er zijn vast leuke toepassingen die we nu nog niet kennen. Viagra is tenslotte ook als medicijn tegen hartkwalen begonnen.
De chip-industrie pakt het ondertussen groots aan. De hardwaremarkt pronkt met de eerste 64-bits processors in computers, maar de eerste versie van rfid-chips heeft maar liefst 96 bits tot zijn beschikking. Ter vergelijking: 64 bits zijn al genoeg om alle mieren op de wereld een unieke naam te geven. De volgende versie van rfid heeft naar verluidt 128 bits te spenderen, genoeg om ieder molecuul op deze planeet een eigen nummertje te geven. Orwell had het niet beter kunnen bedenken.